De kapelaan op zijn fiets

default pic - dorpsbanier logo

Je zag hem heel vaak rijden door het dorp. Op zijn fiets, de kapelaan, een jonge priester de assistent van de pastoor. Hij had geen gewone fiets, tenminste, voor een man. Vanwege zijn toog had een priester altijd een damesfiets, zonder stang. Altijd op weg, maar er waren dagen dat het eigenlijke reisdoel niet werd bereikt. Er gebeurd ook zoveel langs de weg. Want ook de bakker, de slager, de kruidenier en de lapjespoep waren onderweg. Kinderen komen en gaan naar school, lopend. De huisvrouwen, op maandag bezig met de was aan de lijn of het bleekveld. En al die tuinders op hun akkertje en de boeren bezig op het erf.

Er was voldoende aanspraak langs de weg, met je fiets ga je al snel genoeg. Een praatje hier een praatje daar, vaak genoeg ook een baker die tijdelijk het huishouden van een kraamvrouw runde. Niets ontging de kapelaan.

Soms leek het wel of hij een alziend oog had. Zo hoedde de herder zijn kudde. Met belangstelling en medeleven zo bleef de gemeenschap samen. Je ben immer op elkaar aangewezen, los van elkaar kan je niet functioneren. Het hele samenleven in het dorp gebeurde in en rondom de kerk. Bijna elke vereniging had wel één of ander contact met de kerk. Deze tijden dat de kerk het leven in het dorp bepaald zijn voorgoed voorbij.

Maar toch wil de kerk de gemeenschap niet los laten. Want het heeft nog zoveel te bieden. Nog steeds wil de kerk het luisterend oor zijn. Mensen bij staan op mooie momenten, samen vieren. Maar juist ook op moeilijke momenten wil de kerk er zijn. Stil verdriet, een schouder om uit te huilen. Opkomen voor minderbedeelden, als mensen onrecht wordt aangedaan.

Nog steeds heeft ons dorp, onze gemeenschap, behoefte aan die kapelaan op zijn fiets. Hij zal geen toog meer dragen dus de damesfiets heeft hij niet meer nodig.

Jos van Straalen

Reacties

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Aanmelden voor de Dorpsbanier