Op maandag 1 februari zou moeten gaan blijken in hoeverre de gemeenteraad van Koggenland het zou betreuren als de huisartsen in de wat kleinere dorpen zouden gaan verdwijnen. Vooraf was er bij mij toch enige hoop, dat ons lokale bestuur niet actief zou gaan meewerken aan deze concentratie van zorg. Ook al omdat de huisarts van De Goorn weinig enthousiast was over deze ontwikkeling. Natuurlijk bepalen uiteindelijk de huisartsen zelf wat hun standplaats is, maar waarom zou ons gemeentebestuur niet kunnen aangeven dat men niet gelukkig is met hun voornemen voor een HOED? De door de partijen Gemeentebelangen (GBK) en PvdA/Groen Links ingediende motie was in mijn ogen zodanig opgesteld, dat je er als volksvertegenwoordiger toch eigenlijk niet tegen kon zijn. Tenminste als je het behoud van de voorzieningen in de kernen hoog in het vaandel zou hebben staan en dat stond gelukkig in de aanloop naar de raadsverkiezingen van 2018 bij elke Koggenlandse partij centraal. Daarnaast was de motie allerminst dwingend opgesteld en dus was ik zo naïef om erop te vertrouwen, dat de kans op een steuntje in de rug groot zou zijn. Maar wat was dan precies de motie die aan de raad werd voorgelegd? Nou, het volgende:
Constaterende dat:
– Het krantenartikel over de vestiging van een Hoed (Huisartsenpraktijk Onder Een Dak) in de Josefschool in de Goorn onrust heeft veroorzaakt onder inwoners van Spierdijk, Berkhout en Ursem;
– Er sinds 2017 in Spierdijk een succesvol gezondheidscentrum gevestigd is in de kerk met daarin o.a. een huisartsenpraktijk;
– Er op 50 meter afstand van de Josefschool een succesvol gezondheidscentrum gevestigd is met daarin o.a. een huisartsenpraktijk;
– Er in Spierdijk en Ursem geen OV is.
Overwegende dat:
– Leefbaarheid, ook in de kleine kernen een speerpunt is voor gemeente Koggenland;
– Basis voorzieningen zoals een huisarts, noodzakelijk zijn voor de leefbaarheid van de (kleine) kernen;
– Dat een huisarts in de dorpskern meer dan wenselijk is in de kernen waar verzorgingstehuis is.
Verzoekt het college:
Te gaan staan voor de leefbaarheid & behoud van de voorzieningen in de (kleine)kernen.
En dan komen in het debat de opmerkingen van de verschillende partijen en afsluitend de reactie van de wethouder, de heer W. Bijman van het CDA. Vervolgens val ik van verbazing van mijn stoel: het college van B&W wil actief meewerken aan de realisatie van een concentratie van de huisartsen in De Goorn. Maar dan weer wel zonder die van De Goorn en Obdam!? In ieder geval had men in Hensbroek in het verleden geen enkel probleem met het verdwijnen van de huisarts, zo merkte hij op?! Uit het nogal rammelende verhaal van de wethouder wil ik slechts twee puntjes naar voren halen om mijn verhaal niet uit de klauw te laten lopen.
Allereerst de opmerking: “in Zuidermeer, Hensbroek, Rustenburg, Scharwoude, Grosthuizen en Oudendijk is het leven niet slechter, omdat daar geen huisarts is”. Zouden we het woord “huisarts” over een stuk of wat jaren misschien kunnen vervangen door basisschool, voetbalvereniging en woonzorgcentrum? Blijkbaar is de huisarts geen echte voorziening voor een middelgroot dorp, maar wat bedoelen onze lokale partijen dan wel met dat speerpunt “de handhaving van de leefbaarheid in de kleine kernen”?
Verder werd ook gesteld, dat van de cliënten “tweederde niet uit het dorp Spierdijk komt”. Althans dit had hij vernomen van onze huisarts. Ik vraag me allereerst af of dit percentage echt klopt, want dat zou betekenen dat een fors deel van de Spierdijkers een huisarts buiten ons dorp heeft en daar durf ik toch wel enkele vraagtekens bij te zetten. Maar dat een flinke hoeveelheid patiënten officieel niet uit Spierdijk komt staat buiten kijf, omdat het volstrekt logisch is. Behoren Zuidermeer en Wogmeer-West niet ook tot het rayon van onze huisarts? En zou het misschien ook iets te maken kunnen hebben met die onbegrijpelijke begrenzing van ons dorp, waardoor een grote groep Spierdijkers als postadres Berkhout, Hensbroek of Zuidermeer heeft, maar zich wel degelijk bij ons dorp betrokken voelt? En dan hebben we natuurlijk nog een flinke groep jong-volwassenen in De Goorn, Obdam, Ursem en Avenhorn, die gedwongen werden om hun dorp de rug toe keren, omdat er heel vele jaren als gevolg van het gemeentelijk beleid geen woningbouw in Spierdijk was. Een heel vreemd argument van de wethouder dus om dit met het oog op de ingediende motie te gebruiken. Wel een uitstekend pleidooi om die dorpsgrenswijziging van 2019 nu eindelijk eens ter discussie te stellen.
En toen kwam de stemming over de motie. Met slechts vijf stemmen vóór (PvdA/GL en GBK) en dertien tegen (VVD, CDA en Welzijn Koggenland) werd het voorstel verworpen en werd dus duidelijk dat de twee grootste partijen van ons dorp, die bovendien in het college zitten, de zorgen van vele Spierdijkers, Ursemmers, Berkhouters en Zuidermeerders niet delen. Uiterst teleurstellend. Of om de woorden van de wethouder te gebruiken: “ik voel me op het verkeerde been gezet”.
Misschien dat een handtekeningenactie duidelijk zou kunnen maken, dat de ongeveer 1600 Spierdijkers wel degelijk een huisarts op het dorp een belangrijke voorziening vinden. En wist u trouwens, geachte huisartsen, dat “een aantal huisartsen bijeen” ofwel zo’n HOED, voor het overgrote deel in de grote steden te vinden is en dat in zo’n situatie vrijwel altijd – en vaak vele – alternatieven binnen twee kilometer te vinden zijn voor een patiënt? En wist u, dat nogal wat HOED-en met verschillende vestigingen werken? Althans dat bleek uit de ruim twintig willekeurig gekozen samenwerkingsverbanden, die ik nader bekeken heb. En hebben we hier eigenlijk al niet een heerlijke kleinschalige HOED met drie artsen en een gezondheidscentrum bijeen? Beste mevrouw Wijmans, hou dus a.u.b. die vestiging in Spierdijk overeind!
Ger Kok